News

  • 0

Opgelicht via internet, wat nu?

Elke maand worden er miljoenen deals over de koop en verkoop van spullen die mensen aanbieden op Marktplaats of Ticketswap gesloten. Op elk willekeurig moment staan er op Marktplaats al zo’n zeven miljoen advertenties. Het is dan ook zeer waarschijnlijk dat niet alle advertenties eerlijk zijn en dat daardoor niet alle verkopen eerlijk verlopen. Het kan bijvoorbeeld gebeuren dat je keurig een koopsom naar iemand overmaakt, maar vervolgens nooit het product ziet waarvoor je die koopsom betaald hebt. Ook kan het zijn dat iemand belooft het geld over te maken voor een product, maar dat na verzending hiervan er vervolgens nooit wordt betaald. Wat zijn dan de juridische mogelijkheden tegen deze vormen van oplichting?

Aangifte bij de politie

Natuurlijk willen verschillende partijen dat de handel via internet zo goed mogelijk beschermd wordt. De politie is één van die partijen. Bij oplichting via internet is het slim om aangifte te doen bij de politie, oplichting is namelijk strafbaar gesteld in artikel 326 van het Wetboek van Strafrecht. Aangifte is gemakkelijk (online) te doen via www.politie.nl. Het is echter de vraag of de politie wel iets met die aangifte doet. Zo bekijkt de politie of de persoon vaker veroordeeld is voor oplichting en naar de omvang van de oplichting. Een enkele aangifte tegen iemand leidt dan ook niet snel tot strafrechtelijk onderzoek. Daarnaast is het alleen mogelijk om geld terug te krijgen via de politie als de zaak wordt voorgelegd aan de strafrechter door de Officier van Justitie. Via aangifte bij de politie is het dan ook lastig om de andere partij aan te pakken en om jouw geld terug te krijgen.

Verplichtingen en plichten over en weer

Naast een strafrechtelijke weg is er ook nog een civielrechtelijke weg die gevolgd kan worden. Als je het via internet met een persoon eens wordt over de aankoop van bijvoorbeeld een studieboek, ontstaat er een koopovereenkomst. De koopovereenkomst staat in artikel 1 van boek 7 van het Burgerlijk Wetboek. Bij het sluiten van een overeenkomst ontstaan er meerdere rechten en verplichtingen voor de verkoper en de koper. Zo is de koper verplicht om de koopsom te betalen en moet de verkoper het goed overdragen aan de koper. Komt een partij zijn verplichting niet na, dan pleegt deze wanprestatie. Koop je bijvoorbeeld een fiets, en laat de verkoper na deze te leveren dan is het belangrijk de verkoper in gebreke te stellen.
Zo kan een koper van een fiets een brief sturen naar de verkoper om de fiets binnen twee weken te leveren. Doet de fietsverkoper dat alsnog niet , dan is hij in verzuim (dan schiet hij tekort). Als hier sprake van is, staan er verschillende opties open. Zo kun je bijvoorbeeld het betaalde geld terugeisen door de koop te ontbinden, eisen dat de verkoper alsnog het product levert of als je de koopsom nog niet hebt betaald, wachten met betalen. Als je de verkopende partij bent kun je eisen dat de koopsom betaald wordt, het product terugstuurt of wachten met het versturen van het product. Als de andere persoon echter onder een valse naam heeft gehandeld, wordt het lastig om nog contact te krijgen met deze persoon .

Wat als het toch mis gaat?

Let altijd goed op bij het kopen en verkopen van spullen via internet. Google de naam van de andere partij, check zijn bankgegevens en bekijk bijvoorbeeld of diegene een Facebook of LinkedIn heeft. Is het toch misgegaan met een koop of verkoop op internet? Het Juridisch Steunpunt zit op maandag t/m donderdag van 12:00 – 17:00u voor je klaar om je gratis en geheel vrijblijvend verder te helpen met dit soort kwesties. Je kunt het Juridisch Steunpunt bereiken via steunpunt@groningerstudentenbond.nl of door op bovenstaande uren te bellen naar 050 – 363 4675. Ook kun je altijd het kantoor van de Groninger Studentenbond even binnen lopen.


  • 0

GSb: na Leiden ook huurcontracten voor The Student Hotel Groningen

Groningen, 21 februari – Na Leiden moet ook The Student Hotel in Groningen huurcontracten aanbieden, vindt de Groninger Studentenbond (GSb). Vorige week bepaalde de gemeenteraad van Leiden dat studentenhotels onder het huurrecht moeten vallen. Het is de studentenvakbond al langer een doorn in het oog dat The Student Hotel door de gemeente Groningen tot studentenhuisvesting wordt gerekend, terwijl de bewoners minder rechten genieten dan kamerbewoners die onder het puntensysteem vallen. Voorzitter Christiaan Brinkhuis: “De gemeente gedoogt een schimmige constructie die het mogelijk maakt dat je je als hotel kunt voordoen als studentenhuisvester, maar tegelijkertijd de bewoners eruit kan trappen wanneer je wil. Dit deugt voor geen meter.”
The Student Hotel kan door zijn bedrijfsvorm als hotel op de vrije markt opereren en is niet gebonden aan de bepalingen die het huurrecht en het puntensysteem voorschrijven. Op die manier is het mogelijk dat het hotel voor de kleinste variant kamer van 18 m2 maar liefst 635 euro vraagt. Bij narekening door de GSb is gebleken dat deze kamer, als die onder het puntensysteem zou vallen, ruim 200 euro goedkoper zou zijn. Aan de kwaliteit van de voorzieningen die het hotel biedt twijfelt de bond niet, stelt Brinkhuis. “Wat hier misgaat is dat een hotel wordt gezien als studentenhuisvesting. Als dat zo is, moeten al die tientallen andere hotels in Groningen ook worden geteld als huisvesting voor studenten. Dan is het kamertekort in de stad snel opgelost, maar dat zou ook oneerlijke concurrentie betekenen voor woningcorporaties en particuliere verhuurders. Het kost immers meer geld en moeite om je aan de regels te houden dan die aan je laars te lappen.”
Eerdere verklaringen van het gemeentebestuur dat The Student Hotel in een behoefte zou voorzien wijst Brinkhuis van de hand. “Als je beweert dat er een behoefte is stel je eigenlijk dat je woonruimtes hebt vergeleken en voor de hotelkamer kiest. Maar kun je voor iets kiezen als je niet weet wat het alternatief is?” Het zijn veelal internationale studenten die hun intrek nemen in het gebouw aan het Ebbingekwartier omdat ze niet weten waar ze aan toe zijn als ze in Groningen komen studeren. Al jaren geeft de GSb het Kamerboek uit om studenten te informeren over het wonen in Groningen en de rechten en plichten die je hebt als huurder. “We doen ons best om internationals zo goed mogelijk voor te lichten, maar aan deze klassenjustitie kunnen we weinig doen. Daarom roepen we de gemeenteraad op om het goede voorbeeld van Leiden te volgen. De rechtsongelijkheid op de Groningse kamermarkt moet stoppen!”

  • 0

Rechtsingangen binnen het hoger onderwijs

Als student ben je vaak enkele jaren met je studie bezig. In die jaren is het niet ondenkbaar dat je een keer ergens tegen aanloopt of het niet eens bent met een beslissing die verdere gevolgen voor het verloop van je studie heeft. In zo’n geval is het goed om te weten tot welke instantie je je kunt wenden met jouw probleem. In de Wet op het Hoger onderwijs en Wetenschappelijk onderzoek (WHW) staat aangegeven wat studenten in een dergelijke situatie kunnen ondernemen. Je vindt er de rechten en plichten terug die je als wo- of hbo-student toekomen. Deze wet is dus niet van toepassing op mbo-studenten. Daarnaast vind je er regelgeving terug omtrent procedures die je kunt doorlopen als je het ergens niet mee eens bent.

Hoger onderwijsinstellingen dienen de regels van de WHW toe te passen en voor studenten kenbaar te maken in het Onderwijs- en Examenreglement (OER). Het OER kan tezamen met de WHW als leidraad dienen en geeft aan wanneer je bezwaar of beroep kunt aantekenen tegen een bepaald besluit en bij welk orgaan je dan aan het juiste adres bent. Daarnaast geeft het OER aan hoe je een klacht kunt indienen over een gedraging van een medewerker of een orgaan van de onderwijsinstelling. Is het je niet helemaal duidelijk welke gegevens een klacht, bezwaar-, verzoek- of beroepschrift dient te bevatten? Ook dat vind je in het OER terug.

Aangezien de WHW en het OER voor de onervaren lezer soms een doolhof kunnen zijn, hopen we in dit blog aan de hand van voorbeeldsituaties te verhelderen bij welke instanties je met welk probleem terecht kan.

De Examencommissie
In de WHW wordt de examencommissie omschreven als het orgaan dat op objectieve en deskundige wijze vaststelt of een student voldoet aan de voorwaarden die de OER telt ten aanzien van kennis, inzicht en vaardigheden die nodig zijn voor het verkrijgen van een diploma van de opleiding in kwestie.

Kortom: de examencommissie is verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de opleiding en de af te nemen examens. Als student ben je dan ook bij de examencommissie aan het juiste adres als je een klacht hebt over een examinator of een lid van de examencommissie zelf. Tevens is de examencommissie bevoegd om te oordelen over verzoeken van studenten die zien op het verloop van de studie.

Je kunt daarbij denken aan een verzoek tot vrijstelling voor een bepaald vak, een verlenging van de geldigheidsduur van behaalde studieresultaten of het verzoek tot een extra tentamenkans. In bepaalde situaties is het van belang dat je bijzondere of persoonlijke omstandigheden kunt aantonen, wil je verzoek gehonoreerd worden.

Het College van Beroep voor de Examens

Indien je het niet eens bent met een beslissing van een orgaan dan kan je in de meeste gevallen administratief beroep instellen bij het College van Beroep voor de Examens (CBE). Je kunt daarbij denken aan een beslissing van een examinator of de examencommissie, zoals het weigeren van een vrijstelling of de afkeuring van een vakkenpakket. Tevens is het CBE bevoegd ten aanzien van een beslissing omtrent de toelating tot een masteropleiding of een besluit waarin een negatief bindend studieadvies is afgegeven. Het is van belang dat je vanaf het moment dat het besluit is genomen, binnen zes weken je beroepschrift indient bij het CBE.

In de administratief beroepsprocedure zal het CBE nagaan of het besluit conform de formele vereisten is genomen en tevens toetsen of het orgaan in redelijkheid tot de genomen beslissing had kunnen komen. Het is daarbij belangrijk om te weten dat het CBE niet toetst of een opdracht of tentamen inhoudelijk gezien correct is beoordeeld, daar het CBE niet over de benodigde vakkennis beschikt.

Alvorens het CBE het beroep gegrond of ongegrond acht, nodigt het CBE je uit om met het orgaan waartegen het beroep is gericht, om tafel te gaan. De intentie hierachter is om te kijken of beide partijen bereid zijn om tot een schikking te komen. Lukt dit niet, dan verklaart het CBE het beroep geheel of gedeeltelijk gegrond óf geheel of gedeeltelijk ongegrond.

Indien het beroep (gedeeltelijk) gegrond is verklaard, dan zal het orgaan waartegen het beroep was gericht een nieuwe beslissing moeten nemen. Is het beroep daarentegen (gedeeltelijk) ongegrond verklaard en wil je het er niet bij laten zitten? In dat geval kan je besluiten om de beslissing van het CBE voor te leggen aan een rechterlijke instantie, waarvan het College van beroep voor het Hoger Onderwijs (CHBO) de meest voor de hand liggende optie is. Houd er rekening mee dat je vanaf het moment dat het CBE een beslissing genomen heeft, zes weken de tijd hebt om een beroepschrift in te dienen.

Het instellingsbestuur
Voor sommige beslissingen staat de administratief beroepsprocedure bij het CBE niet open. Tegen dergelijke besluiten kan je bezwaar maken bij het instellingsbestuur. Het is verstandig om via het OER na te gaan wanneer je bij het instellingsbestuur aan het juiste adres bent. Daar is in ieder geval sprake van als je bezwaar wilt maken tegen een weigering tot in- of uitschrijving.

Voordat het instellingsbestuur een beslissing op bezwaar neemt, wordt de geschillenadviescommissie ingeschakeld om een advies uit te brengen en/of te kijken of er een schikking mogelijk is. Tevens word je als student in de gelegenheid gesteld om te worden gehoord, voordat er een beslissing wordt genomen. Het instellingsbestuur heeft vanaf het verlopen van de bezwaartermijn tien weken de tijd om te beslissen op je bezwaar. Ook voor beslissingen van het instellingsbestuur geldt dat je vanaf het moment dat de beslissing op bezwaar genomen is, je binnen zes weken een beroepschrift kunt indienen bij het CHBO.

De klachtprocedure
Ben je het niet eens met een beslissing van een orgaan en ben je niet in de gelegenheid om een bezwaar-, beroep- of verzoekschrift in te dienen? In dat geval heb je nog de mogelijkheid om een klacht in te dienen bij de onderwijsinstelling. Aangezien de WHW geen regels geeft omtrent de inrichting van de klachtprocedure, is het aan te raden om in het OER na te gaan hoe deze procedure voor jouw opleiding is ingericht.

Heb je vragen of hulp nodig?
We hopen door middel van dit blog iets meer duidelijkheid te scheppen over de (soms) ingewikkelde procedures die binnen een onderwijsinstelling te doorlopen zijn. Mocht je desondanks met vragen zitten of kan je wel wat hulp gebruiken met het opstellen van een klacht, bewaar-, beroep- of verzoekschrift? Het Juridisch Steunpunt zit op maandag t/m donderdag van 12:00 – 17:00 voor je klaar om je gratis en geheel vrijblijvend verder te helpen. Je kunt het Juridisch Steunpunt bereiken via steunpunt@groningerstudentenbond.nl of door te bellen naar 050 – 363 4675. Ook kun je altijd het kantoor van de Groninger Studentenbond even binnen lopen.

Dit artikel is geschreven door Inge Hoiting, medewerker bij het Juridisch Steunpunt.

Publicatiedatum: 09-01-2017.

Het Juridisch Steunpunt is van ma. t/m do. geopend van 12:00 tot 17:00 uur en bestaat uit meerdere medewerkers. Het kan zijn dat je vraag niet van begin tot eind door dezelfde medewerker behandeld wordt, maar dat je soms van een andere medewerker antwoord zult krijgen. Wij zijn telefonisch te bereiken op 050 – 363 4675 of via de mail steunpunt@groningerstudentenbond.nl.

##DISCLAIMER##

Het Juridisch Steunpunt van de Groninger Studentenbond (GSb) is een onderdeel van de Studentenlijn (LSVb). Het Juridisch Steunpunt besteedt veel aandacht aan de juistheid en volledigheid van de verstrekte informatie. Het Juridisch Steunpunt Groningen is niet verantwoordelijk en aansprakelijk voor eventuele fouten en onvolkomenheden in de verstrekte informatie. Indien we opmerkzaam worden gemaakt van onjuistheden, zullen wij deze verbeteren. Tevens is het Juridisch Steunpunt Groningen niet aansprakelijk voor enige vorm van schade, materieel en immaterieel, veroorzaakt door het gebruik van de inhoud, goederen of diensten.


  • 1

Speech Christiaan Brinkhuis op lustrumreünie

Op zaterdag 26 november 2016 vond in het kader van het 45-jarig bestaan de reünie met oud-leden van de GSb plaats. Voorzitter Christiaan Brinkhuis en oud-voorzitter Paul Ulenbelt, inmiddels Tweede Kamerlid namens de SP, gaven een toespraak aan de aanwezigen. Hieronder de toespraak van Brinkhuis. De strijd voor een betere positie van de student is niets anders dan dat het 45 jaar geleden was.

Beste aanwezigen, bondgenoten, vrienden,

Een half jaar geleden was voor mij het moment aangebroken dat ik, als derdejaars student Geschiedenis, de scriptie moest gaan schrijven. Waar zou ik het eens over gaan hebben? In de jaren daarvóór had ik genoeg essays geschreven over interessante onderwerpen. Maar ik wist dat de scriptie iets moest worden dat het sluitstuk zou moeten zijn van de eerste fase die ik aan de universiteit doorbracht. Ik besloot heel dicht bij huis te gaan kijken. Ik had inmiddels al bijna een vol jaar het penningmeesterschap van het bestuur van de Groninger Studentenbond erop zitten. In die tijd was ik erachter gekomen wat een rijke geschiedenis deze organisatie heeft. Een geschiedenis die al 45 jaar teruggaat.

Om die 45 jaar te vieren zijn wij hier allen vanavond bijeengekomen. Velen van jullie zien elkaar na vele jaren pas weer. Voor anderen is het de afsluiting van een week lang deelnemen aan activiteiten. In de afgelopen dagen heeft de Lustrumcommissie een openingsreceptie, een lezing, een avondje ‘Wie is de Mol?’ en een groots diner georganiseerd. De lustrumweek eindigt vanavond met deze reünie, in de Glazen Zaal van het Van Swinderenhuys. In de wandelgangen werd de bijeenkomst ook wel ‘Ouwelullenavond’ genoemd. ‘Oud’ kunnen we de GSb in ieder geval noemen. Van de 5 belangenbehartigingsorganisaties voor studenten in Groningen is de GSb ouder dan de 4 andere bij elkaar. Althans, als we de partijen in de medezeggenschapsraden in ogenschouw nemen. Sinds 2000 bestaat de SOG, sinds 2004 de HSV, sinds 2005 Lijst Calimero en de jongste spruit is Lijst Sterk, sinds 2014.

Wat maakt ons zo uniek? Wat is de rode draad door die bijna halve eeuw van ons bestaan? De Groninger Studentenbond heeft als missie om de belangen van studenten in Groningen zo goed mogelijk te behartigen en de positie van studenten te verbeteren. Deze missie vloeit voort uit onze visie. Onze visie is dat studenten zo min mogelijk belemmeringen op het gebied van financiën en mobiliteit mogen ervaren, een zo hoog mogelijke onderwijskwaliteit moeten genieten en dat studenten geen belemmeringen mogen ondervinden bij het zoeken en aannemen van een woonruimte. Wij zijn de enige organisatie in heel Groningen die op alle terreinen voor de belangen van de studenten opkomt. Op alle fronten waar de student in de hoedanigheid van het student-zijn wordt bedreigd, daar waar zijn maatschappelijke positie in gevaar wordt gebracht, staat de GSb voor je klaar. Of dat nou thuis is, in college of op de weg daarnaartoe, wij waken ervoor dat onze medestudenten een goede studententijd in Groningen hebben.

Het onderzoek voor mijn scriptie heeft me geleerd dat de acties van de GSb kort na de oprichting vooral gericht waren op het tegenhouden van de verhoging van de collegegelden. Dit collegejaar mogen studenten 1.984 euro ophoesten. Wat een enorm verschil met wat ik tijdens mijn onderzoek ben tegengekomen. In 1971, toen de GSb werd opgericht, bedroeg het collegegeld nog 200 gulden! De toenmalige minister, jonkheer Mauk de Brauw, wilde koste wat kost in één klap het tarief omhooggooien naar 1000 gulden. Als we even gaan omrekenen zouden we 45 jaar geleden maar 90 euro hoeven te betalen aan de universiteit! En andersom betalen we nu een astronomisch hoog bedrag: 4.372 gulden! De jonkheer zou in zijn nopjes zijn met deze doorgeslagen uitvoering van het profijtbeginsel waar de GSb zich vanaf het begin keihard tegen heeft verzet.

Het profijtbeginsel houdt in dat iedereen die gebruik maakt van een overheidsdienst daarvoor moet betalen. Onderwijs waar geen ‘vraag’ naar is dient de burger maar zelf voor op te draaien. De ‘vraag’ wordt bepaald door wat de bedrijven nodig hebben. Ga dus maar vooral iets studeren waar Shell, of AkzoNobel, of andere multinationals aan de Amsterdamse Zuidas behoefte aan hebben. Het is nog net geen officieel regeringsbeleid. Tegenwoordig heeft het profijtbeginsel zich ontwikkeld tot ‘macrodoelmatigheid’: je studeert niet om het beste uit jezelf te halen, maar om jezelf een plaats op de arbeidsmarkt te verzekeren. “Studeer je geschiedenis? Jammer joh! Een cursus ‘uitkering aanvragen’ is niet zo heel moeilijk hoor!” Ik heb het meer dan eens moeten aanhoren.

De GSb ziet het hoger onderwijs als een middel tot emancipatie. Wij willen dat je je tijdens je studietijd kunt ontplooien zoals je dat zelf graag wilt. Den Haag daarentegen ziet het hoger onderwijs als kostenpost. “Investeren in jezelf,” noemt minister Bussemaker het zelf. Onder dit voorwendsel is 2 jaar geleden het ‘sociaal’ leenstelsel ingevoerd. Het kabinet moet zich de ogen uit de kop schamen dat ze dit ‘sociaal’ durven te noemen! De basisbeurs is de nieuwste lichting studenten afgepakt en ze moeten ook nog fors meer gaan lenen. “Investeren in jezelf?” “Alleen studeren als je het geld ervoor hebt,” past hier beter.

Nominaal is de norm. Studenten moet je zo snel mogelijk door de bachelor en de master heen jassen: 3 jaar in de bachelor, 1, 2, misschien 3 jaar in de master. We worden meer en meer gedwongen om al meteen de juiste keuze te maken, terwijl zoveel 17- en 18-jarigen nog geen flauw benul hebben wat ze later willen worden. Het ministerie van Onderwijs is net één grote show van Theo Maassen, als die spreekt over wat voor soort mensen eigenlijk wel weg kunnen in de wereld. Aan het einde van je eerste jaar krijg je een bindend studieadvies, waarbij je een minimumaantal punten van de propedeuse moet hebben gehaald. Te weinig? Weg. Binnen twee jaar moet je je propedeuse gehaald hebben. Niet gehaald? Weg. Bussemaker cum suis hebben een nieuw systeem van studiefinanciering ingevoerd. Wat is er van de basisbeurs terecht gekomen? Weg. Het zijn allemaal maatregelen om te selecteren wie wel en wie niet geschikt is om zich verder te mogen ontwikkelen. Het is een schande en de GSb heeft zich er dan ook altijd tegen uitgesproken.

De druk om te presteren is gigantisch. In 2011 had toenmalig staatssecretaris Halbe Zijlstra het voor elkaar gekregen dat overheid en onderwijsinstellingen heuse prestatieafspraken met elkaar gingen. Wat was het gevolg? Universiteiten en hogescholen moesten doelen behalen onder het dreigement dat ze anders minder geld van Den Haag zouden krijgen. De werkdruk voor studenten én docenten is fors toegenomen. De lezing afgelopen dinsdag, die het thema stress en burn-outs had, besteedde hier uitgebreid aandacht aan. De geestelijke gesteldheid van menig student loopt rake klappen op. Tijd voor iets erbij naast, zoals een commissie, een jaar bestuur of een bijbaantje, is steeds schaarser geworden. Daarnaast hebben bijvoorbeeld studies die niet ‘renderend’ genoeg zijn, dus die minder opleveren dan ze kosten, het veld moeten ruimen of tot nóg grotere studies moeten fuseren. Groot, groter, grootst is het credo van deze tijd.

Megalomanie is helemaal niet iets waar de student op zit te wachten. Het individu verdwijnt dan in de massa. De student wordt een nummer in plaats van een drager van de toekomst. De GSb ijvert voor kleinschaligheid. In een kleinschalige omgeving komt de relatie tussen de student en de docent het beste tot zijn recht. Op die manier krijgt de student de aandacht die hij of zij nodig heeft en kan die het beste studeren. De studentenpartijen in de medezeggenschapsraden van zowel de universiteit als de hogeschool houden er dezelfde standpunten op na. Maar zoals de naam al aangeeft, ze hebben alleen maar medezeggenschap. Tot 1997 hadden studenten zeggenschap in het besturen van de universiteit. De academische gemeenschap bestuurde zichzelf. Sindsdien zijn studenten teruggedrongen tot raadswerk. Ze hebben veel te zeggen, maar uiteindelijk is het College van Bestuur het orgaan dat het daadwerkelijke besturen uitvoert. Nou ja, we hebben op centraal niveau en op facultair niveau een studentassessor in het bestuur. Diegene vertegenwoordigt slechts de stem van de studenten in het bestuur. Hij is daarmee niets meer dan een façade om te verhullen hoe de vork écht in de steel zit. Wij willen dat de studenten weer gewoon deelnemen aan het bestuur van hún universiteit en hún hogeschool!

Mensen over de hele wereld staan steeds meer in contact met elkaar. Het modewoord daarvoor is ‘globalisering’. In Groningen is de globalisering ook goed te merken. Een dogma van ‘internationalisering’ heeft zich genesteld in de hoofden van de beleidsmakers. Hele studies worden alleen nog maar in het Engels aangeboden. Het Engels van docenten daarentegen is meer dan eens belabberd tot ronduit slecht. Grote aantallen buitenlandse studenten volgen hun studie in Groningen. Volgens de laatste metingen is bijna eenvijfde van het totaal aantal ingeschreven studenten afkomstig uit het buitenland. Maar wat doen de RUG en de Hanze om al die internationals op te vangen in hun nieuwe omgeving? Niets. Ze bedrijven koehandel met woningcorporaties over de ruggen van de internationals. En de kansen voor internationals om een woonruimte te krijgen zijn sowieso al stukken lager dan voor Nederlandse studenten. Bovendien betalen ze gemiddeld 75 procent meer huur.

Ons Huurteam bezoekt studentenhuizen waarvoor een maandelijkse huur van soms wel 100 euro teveel wordt gevraagd door de huisbaas. Degene die dan een eerlijke, rechtvaardige huur wil afdwingen wordt slachtoffer van het schrikbewind van de huisjesmelker. Verhuurders in deze stad houden er praktijken op na die de Siciliaanse maffia in de schaduw stellen. Hun repertoire bestaat uit huisvredebreuk, intimidatie, diefstal, vernieling en zelfs aanranding. En de politie? Het blijft meestal bij aangifte en daarna over tot de orde van de dag. Verhuurders kunnen in deze stad dus Monopoly spelen zonder de kaart ‘Ga naar de gevangenis’. Sinds juli van dit jaar kan elk slachtoffer zijn of haar verhaal doen bij ons Meldpunt Ongewenst Verhuurdersgedrag. Alle horrorverhalen worden vastgelegd en doorgestuurd naar de ambtenaren van de gemeente. Daar, in het Stadhuis aan de Grote Markt, mogen ze gerust weten in wat voor permanente staat van onderdrukking de studentenhuisvesting verkeert.

De student van dienst zijn is de centrale doelstelling van ons bestaan vandaag de dag. Ik noemde net het Huurteam al, waarvan de medewerkers de juiste huur voor een studentenkamer berekenen en de student helpen om de huur omlaag te krijgen. We hebben het Juridisch Steunpunt, waar juridisch geschoolde studenten hun medestudenten helpen om de juridische problemen die zij hebben op te lossen. Daarnaast is er het Onderzoeksbureau, dat problemen van studenten onderzoekt en in kaart brengt. De resultaten van die onderzoeken zijn een welkome bron van informatie voor beleidsmakers bij zowel de gemeente als de onderwijsinstellingen. Bovendien organiseert de Activiteitencommissie informatiebijeenkomsten met voor studenten relevante inhoud. Vorige week nog gaven 2 psychologen tekst en uitleg over uitstelgedrag en time-management. En tenslotte, last but not least, is de Nait Soez’n al sinds 1972 ons blad dat duiding geeft aan de nieuwsstromen die ons dag in, dag uit, tegemoet komen.

Afgaande op de nieuwsstromen krijgen we het beeld voorgeschoteld dat we in turbulente tijden leven. Overal in de wereld worden traditionele machtsverhoudingen op z’n kop gezet. De verkiezing van een complete buitenstaander tot president van het machtigste land op aarde is de laatste ontwikkeling in deze trend. Angst en onzekerheid zijn steeds meer waarneembaar in het maatschappelijke klimaat, ook in de studentenwereld. Wat als ik na mijn studie geen baan op niveau kan krijgen? Wat als mijn schulden zó hoog worden dat ik ze niet kan afbetalen? Wat als mijn zusjes, die over een half jaar hun eindexamens maken, überhaupt niet eens kunnen studeren? Ik ben de eerste van mijn familie die naar de universiteit gaat. Ik kon van huis uit niets mee krijgen. Het is zeker geen vanzelfsprekendheid dat ik hier nu voor jullie sta, als voorzitter van een organisatie die met zoveel trots kan terugkijken op een bewogen geschiedenis van 45 jaar.

Elke student die ons steunt om een rechtvaardiger samenleving na te streven kan lid worden van de Groninger Studentenbond. Ook voor iedereen die geen student is maar onze strijd wel wil steunen is er de mogelijkheid om donateur te worden van de Stichting Vrienden van de GSb. Want lid zijn van de Groninger Studentenbond is je uitspreken vóór de vrijheid om je eigen keuzes binnen het onderwijs te maken. Vóór onderwijs waarin niet nominaal afstuderen maar zelfontplooiing de norm is. Vóór gelijke kansen voor iedereen om goed onderwijs te volgen. Voor die idealen vechten wij al 45 jaar en dat zullen we blijven doen!

Dank jullie wel!


  • 0

Pas op! Copyright!

copyrightDe nieuwe wereld die door het ‘world wide web’ geschapen is, heeft  een sterke stimulans gegeven aan het delen van kennis en het digitaal ondernemen. Wanneer je online gaat ondernemen, houd dan rekening met bepaalde juridische kaders. Een daarvan heeft onder andere betrekking op het (her)gebruiken van afbeeldingen. Vrijwel elke deelnemer van de huidige digitale informatiemaatschappij komt weleens in aanraking met het zogenaamde copyright-teken, ©. Maar wat is nou de betekenis van een dergelijk teken? Waar moet je rekening mee houden als je digitaal afbeeldingen overneemt?

Ontstaan ©
Begin 20e eeuw vaardigden de Verenigde Staten de Copyright Act uit. Auteursrechtelijke bescherming kwam de auteur alleen toe als je bij je werk een copyright notice (kennisgeving) gaf.[1] Ontbrak een dergelijke notice, dan verloor je alle rechten op dat werk. Gemakshalve ontstond voor het geven van deze notice het alombekende ©. Na 1978 verviel met nieuwe wetgeving de eis van kennisgeving en was het werk ook zonder de juiste notice auteursrechtelijk beschermd.[2] In de VS verloor © dus zijn juridische betekenis.

Ondanks zijn bekendheid heeft het in Nederland nooit juridische waarde gehad. In Nederland, en de Europese Unie, ontstaat het auteursrecht op een afbeelding van rechtswege en heeft het copyright-teken geen juridische betekenis. Hoe wordt een afbeelding auteursrechtelijk beschermd en mag ik deze zomaar gebruiken?

Bescherming van afbeeldingen
Het auteursrecht is een exclusief recht dat ontstaat wanneer de afbeelding geschapen wordt, een inschrijving of iets soortgelijks is niet nodig. Met andere woorden, het ontstaat van rechtswege. In de wet wordt dit beschreven als een ‘werk’, zie artikel 1 Auteurswet. Niet elke afbeelding valt onder dit begrip. De Hoge Raad en het Europese Hof van Justitie hebben zich uitgesproken over de definiëring. Om hieraan te voldoen dient de afbeelding een eigen intellectuele schepping te zijn, aldus het Hof.[3] Er dient sprake te zijn van een uitdrukking van de persoonlijkheid van de auteur.[4] Bij foto’s wordt dit beoordeeld aan de hand van de creatieve keuzes die de auteur heeft kunnen maken zoals de camera-instelling, de invalshoek of de gecreëerde sfeer.[5]

Gebruik van afbeeldingen online
Al deze criteria zijn erg lastig vast te stellen. Wanneer een afbeelding op het internet staat, ga er dan vanuit dat er in beginsel een auteursrecht op rust. Dit betekent niet dat je helemaal geen gebruik mag maken van online afbeeldingen. Er zijn een aantal uitzonderingen in de wet opgenomen, zoals voor eigen oefening, studie of gebruik volgens artikel 16b Auteurswet.

Indien je een afbeelding wilt gebruiken waar een auteursrecht op rust, of je twijfelt daaraan, vraag toestemming aan de auteursrechthebbende om de afbeelding te mogen hergebruiken. Ook kun je een eigen afbeelding produceren, bijvoorbeeld door het maken van een foto of door het gebruik van fotoshop. Daarnaast zijn er tal van mogelijkheden om databanken te doorzoeken die auteursrechtvrije afbeeldingen aanbieden. Eén daarvan is de gebruiksrechten aanpassen via zoekhulpmiddelen wanneer je zoekt in Google afbeeldingen.

Heb je vragen over online auteursrecht? Of over een andere juridische kwestie? Schroom dan niet om contact met ons op te nemen. Ons team voorziet eenieder van gratis en vrijblijvend juridisch advies.

Dit artikel is geschreven door Floris de Vriend & Matthijs Verwer, medewerkers bij het Juridisch Steunpunt.

Publicatiedatum: 21-11-2016.

Het Juridisch Steunpunt is van ma. t/m do. geopend van 12:00 tot 17:00 uur en bestaat uit meerdere medewerkers. Het kan zijn dat je vraag niet van begin tot eind door dezelfde medewerker behandeld wordt, maar dat je soms van een andere medewerker antwoord zult krijgen. Wij zijn telefonisch te bereiken op 050 – 363 4675 of via de mail steunpunt@groningerstudentenbond.nl.

##DISCLAIMER##

Het Juridisch Steunpunt van de Groninger Studentenbond (GSb) is een onderdeel van de Studentenlijn (LSVb). Het Juridisch Steunpunt besteedt veel aandacht aan de juistheid en volledigheid van de verstrekte informatie. Het Juridisch Steunpunt Groningen is niet verantwoordelijk en aansprakelijk voor eventuele fouten en onvolkomenheden in de verstrekte informatie. Indien we opmerkzaam worden gemaakt van onjuistheden, zullen wij deze verbeteren. Tevens is het Juridisch Steunpunt Groningen niet aansprakelijk voor enige vorm van schade, materieel en immaterieel, veroorzaakt door het gebruik van de inhoud, goederen of diensten.

[1] Zie http://government-programs.laws.com/copyright-act-of-1909, laatst geraadpleegd op 16-11-2016.

[2] Zie http://www.copyright.gov/circs/circ03.pdf, p. 1, laatst geraadpleegd op 16-11-2016.

[3] HvJ, 16 juli 2009, zaak C-5/08, Infopaq, rechtsoverweging 37.

[4] HvJ, 1 december, zaak C-145/10, Eva-Maria Painer, rechtsoverweging 87.

[5] HvJ, 1 december, zaak C-145/10, Eva-Maria Painer, rechtsoverweging 90 en 91.


  • 0

Groninger Studentenbond viert 45-jarig bestaan

Groningen, 21 november – De Groninger Studentenbond viert deze week zijn negende lustrum. De bond staat met een divers aantal activiteiten stil bij zijn geschiedenis van 45 jaar lang behartigen van studentenbelangen. “Na 45 jaar is de studentenvakbond nog steeds relevant en actief, en dat moet natuurlijk gevierd worden,” zegt voorzitter Christiaan Brinkhuis.

Met uitzondering van de woensdag heeft de lustrumcommissie van de GSb iedere avond iets georganiseerd. De festiviteiten worden afgetrapt met een openingsreceptie in de Usva. “We starten met het benadrukken van de positie die de bond heeft in de maatschappij. Daarom zijn niet alleen studentenorganisaties, medezeggenschapspartijen en onze zusterbonden uitgenodigd, maar ook gemeenteraadspartijen, politieke jongerenorganisaties en vertegenwoordigers van de RUG en de Hanze,” aldus Brinkhuis.

Op dinsdagavond vindt er een openbare lezing plaats in het Academiegebouw over stress en burn-outs. Hiermee wil de bond laten zien dat de druk die studenten ondervinden vaak voorkomt en dat daartegen moet worden opgetreden. Maar studiedruk is op de donderdag- en de vrijdagavond even niet aan de orde, want dan staan gezelligheidsactiviteiten voor de eigen leden op het programma.

De lustrumweek wordt op de zaterdagavond afgesloten met een reünie met oud-leden van de GSb. Naast voorzitter Brinkhuis zal Tweede Kamerlid en oud-voorzitter Paul Ulenbelt (SP) een toespraak houden, afgewisseld door zangkoor ‘Voorwaarts’. De avond wordt mede mogelijk gemaakt door de Stichting GSb-onderzoek. De reünie vindt van 20:00 tot 23:00 uur plaats in het Van Swinderenhuys. Het evenement is bedoeld voor leden en oud-leden. Belangstellenden wordt verzocht zich aan te melden door een mail te sturen naar lustrumcommissie@groningerstudentenbond.nl.


  • 0

Ongelijk loon, gelijke arbeid

untitledVeel studenten werken naast hun studie een aantal uren per week om financieel rond te komen. Ondanks dat zij dezelfde arbeid verrichten, kan het uurloon van deze jonge werknemers erg verschillen. Reden hiervoor is dat werknemers pas bij het bereiken van de 23-jarige leeftijd het minimumloon zullen ontvangen. Tot die tijd hebben zij slechts recht op het minimumjeugdloon.  Door velen wordt dit als erg onredelijk ervaren. Vakbond FNV Young & United heeft lange tijd gestreden voor afschaffing van het minimumjeugdloon, wat uiteindelijk zijn vruchten heeft afgeworpen.

Op dit moment geldt het minimumjeugdloon nog onverkort. Dit minimumloon is van toepassing op jongeren tussen van 15 tot en met 22 jaar. Een 15-jarige dient minimaal €2,64 per uur te verdienen, wat 30% is van het minimumloon van €8,80 dat geldt voor 23-plussers. Voor 18-jarigen geldt een minimumloon van €4,01 per uur en voor 22-jarigen een minimumloon van €7,48 per uur. Wel zijn op dit minimumloon nog een aantal andere factoren van invloed, zoals het aantal uren dat gewerkt wordt en de omvang van een fulltime dienstverband bij de werkgever. Welk minimumloon voor jou geldt op dit moment kan je berekenen via deze tool van de Rijksoverheid.

In 2017 en 2019 wordt de toepassing van het wettelijk minimumloon stapsgewijs vervroegd van 23 naar 21 jaar. Vanaf 2017 is het minimumjeugdloon niet meer van toepassing voor 22-jarigen, waardoor zij net zoveel gaan verdienen als 23-plussers. Vanaf 2019 geldt hetzelfde voor 21-jarigen. Voor 18- tot en met 20-jarigen wordt het minimumjeugdloon niet afgeschaft, wat FNV Young & United wel graag had gezien. Wel wordt het minimumjeugdloon voor deze jongeren verhoogd. Een uitgebreide tabel van deze verhogingen kan je hier vinden.

Het Centraal Planbureau (hierna: CPB) heeft onderzoek gedaan naar de wijzigingen van het minimumjeugdloon. Volgens het CPB zal de afschaffing van het jeugdloon voor 21- en 22-jarigen een verlaging van de werkgelegenheid van 5% met zich meebrengen voor deze groep jongeren. Dit komt neer op circa 15.000 personen. Ook de verhoging van het jeugdloon voor 18- tot en met 20-jarigen kan een daling van de werkgelegenheid met zich meebrengen. Wanneer het minimumjeugdloon met 1% stijgt, zal de werkgelegenheid volgens het CPB met 0,4% dalen. Om het dalen van de werkgelegenheid zoveel mogelijk te voorkomen, komt de overheid met een compensatieregeling voor werkgevers. Voor 18- tot en met 20-jarigen zal de werkgever een compensatie ontvangen voor de hogere loonkosten die de verhoging van het minimumjeugdloon met zich meebrengt. Doordat 21- en 22-jarigen het wettelijk minimumloon gaan ontvangen, zullen zij onder het lage-inkomensvoordeel (LIV) gaan vallen. Voor deze werknemers ontvangt de werkgever een compensatie wanneer zij 100-120% van het minimumloon ontvangen.

Ben jij in 2017 tussen de 18 en 20 jaar? Dan zal ook jouw minimumloon verhoogd worden. Wanneer je volgend jaar 22 bent, moet je werkgever zelfs het wettelijk minimumloon aan je uitbetalen. Houdt goed in de gaten of je werkgever deze wijzigingen doorvoert. Mocht dit toch tot een conflict leiden of heb je nog andere vragen over het minimumjeugdloon of het wettelijk minimumloon, dan kan je altijd contact met ons opnemen. Ons advies is geheel vrijblijvend en gratis.

Dit artikel is geschreven door Judith van der Veen, medewerkers bij het Juridisch Steunpunt.

Publicatiedatum: 14-11-2016.

Het Juridisch Steunpunt is van ma. t/m do. geopend van 12:00 tot 17:00 uur en bestaat uit meerdere medewerkers. Het kan zijn dat je vraag niet van begin tot eind door dezelfde medewerker behandeld wordt, maar dat je soms van een andere medewerker antwoord zult krijgen. Wij zijn telefonisch te bereiken op 050 – 363 4675 of via de mail steunpunt@groningerstudentenbond.nl.

##DISCLAIMER##

Het Juridisch Steunpunt van de Groninger Studentenbond (GSb) is een onderdeel van de Studentenlijn (LSVb). Het Juridisch Steunpunt besteedt veel aandacht aan de juistheid en volledigheid van de verstrekte informatie. Het Juridisch Steunpunt Groningen is niet verantwoordelijk en aansprakelijk voor eventuele fouten en onvolkomenheden in de verstrekte informatie. Indien we opmerkzaam worden gemaakt van onjuistheden, zullen wij deze verbeteren. Tevens is het Juridisch Steunpunt Groningen niet aansprakelijk voor enige vorm van schade, materieel en immaterieel, veroorzaakt door het gebruik van de inhoud, goederen of diensten.


  • 0

Lustrumweek: GSb 45 jaar!

De Groninger Studentenbond bestaat 45 jaar!14853212_1210678048976057_7263375612543634319_o Om dit 9e lustrum te vieren organiseert de lustrumcommissie een week lang verschillende activiteiten. Sommige zijn openbaar, andere zijn in het bijzonder bedoeld als gezellige avond voor de leden van de GSb. Hieronder volgt een kort overzicht van het programma.

De lustrumweek wordt op maandag 21 november afgetrapt met een openingsreceptie in de Usva. Om de maatschappelijke positie van de bond te benadrukken zijn voor deze receptie tal van organisaties en instanties uitgenodigd, van bestuurlijke colleges tot medezeggenschapspartijen en van gemeenteraadsfracties tot studentenorganisaties. Elk van hen heeft in de afgelopen 45 jaar in meer of mindere mate te maken gehad met de GSb.

Op dinsdag 22 november zal de lezing ‘Last van stress? Studeer jezelf niet naar een burn-out!’ plaatsvinden van 19.30 tot 22.00 uur in de Geertsemazaal. Vanaf 19.00 uur is iedereen welkom. Het drukke studentenleven brengt voor veel studenten stress met zich mee. Waarom lopen studenten een verhoogd risico op een burn-out? Hoe voorkom je dit en hoe los je het op? Marina Schriek zal ingaan op deze brandende vragen.

Op donderdag 24 november zal de ‘Wie is de Mol”-activiteit plaatsvinden van 20.00 tot 22.00 in het Van Swinderen Huys. Een uitdagend spel vol tactiek, list en bedrog. Met teamactiviteiten probeer je zoveel mogelijk punten te verdienen. Er is echter een onbekende ‘Mol’ aanwezig die de boel probeert te saboteren. Weet jij de Mol te ontmaskeren en naar huis te gaan met de prijs? De eigen bijdrage bedraagt vijf euro. De activiteit is inclusief hapjes en twee drankjes en alleen toegankelijk voor leden.

Vrijdag 25 november nodigen we alle actieve leden van de GSb uit voor een diner om 19.00 uur in Grand Café De Biechtstoel. Met dit etentje willen we alle activo’s in het zonnetje zetten die zich vandaag de dag inzetten voor de GSb en voor de belangen van de studenten. De eigen bijdrage bedraagt tien euro en is alleen toegankelijk voor leden.

Als afsluiting van de lustrumweek organiseren we zaterdag 26 november een grootse viering van het 45-jarige bestaan van de GSb om 20.00 uur in het Van Swinderen Huys. Leden en alumni van de GSb zijn van harte uitgenodigd om het lustrum met ons te vieren. Tijdens de bijeenkomst spreken Paul Ulenbelt (oud-voorzitter van de GSb en Tweede Kamerlid) en Christiaan Brinkhuis (voorzitter van het huidige bestuur) over de geschiedenis van de GSb en het belang van de studentenvakbond tot op heden.


  • 0

OM overweegt te vervolgen naar aanleiding van ontgroeningsincident Vindicat. Mag dit zomaar?

omVelen hebben de recente gebeurtenis omtrent de studentenvereniging Vindicat ongetwijfeld meegekregen. Na het incident met de zogenaamde ‘bangalijst’ lijkt een aspirant-lid van het Groningse studentencorps ernstige verwondingen te hebben opgelopen tijdens zijn ontgroening. Tijdens de ontgroening zou een ouderejaars naar aanleiding van een ruzie op het hoofd van het slachtoffer zijn gaan staan. Zowel het slachtoffer als zijn ouders hebben besloten hier geen aangifte tegen te doen[1].

Toch besloot het OM een strafrechtelijk onderzoek in te stellen naar het ontgroeningsincident. Het OM geeft als reden hiervoor dat het gaat om een ernstig incident met een grote maatschappelijke impact.

De vraag die dit bij veel mensen oproept is: kan het OM zonder aangifte een strafrechtelijk onderzoek instellen, wat mogelijk eindigt in een vervolging? In dit geval is de politie zelf op het spoor gekomen van dit incident en onder leiding van de officier van justitie is een opsporingsonderzoek gestart. Wanneer de officier het bewijs voldoende en sterk genoeg acht wordt er tot vervolging overgegaan.

Het OM heeft als uitgangspunt het opportuniteitsbeginsel. Dit beginsel houdt in dat het OM kan beslissen dat een strafbaar feit toch moet worden vervolgd op grond van het algemeen belang zoals is bepaald in de artikelen 167 en 242 Wetboek van Strafvordering. Dit komt voort uit de gedachte dat het strafrecht het openbare belang dient. Ook een slachtoffer kan om vervolging vragen. Dit is echter dus niet nodig om iemand strafrechtelijk te vervolgen.

Het OM geeft aan dat het onderzoek wordt gerechtvaardigd door de ernst en de impact van het incident. Als na dit onderzoek het OM besluit dat het algemeen belang er mee is gediend om vervolging in te stellen dan is het OM vrij om dit ook daadwerkelijk te gaan doen. Het bestuur van de Groningse vereniging heeft aangegeven volledig te zullen meewerken aan het onderzoek gezien de ernst van het incident.

De studentenvereniging Vindicat beschikt over een eigen intern rechtssysteem en er is dan ook naar aanleiding van dit incident direct een intern onderzoek ingesteld. Een systeem als dit, met regels waaraan de leden zich moeten houden, is in eerste instantie niet ongebruikelijk. Echter, dit mag nooit in plaats van ons eigen rechtssysteem komen. Een gedraging zoals deze kan dan ook niet af worden gedaan in een interne rechtbank en vereist behandeling door een onafhankelijk en openbaar rechtssysteem.

Kortom: wegens het opportuniteitsbeginsel mag het OM zelf bepalen of een strafbaar feit vervolgd moet worden wegens het algemeen belang of niet. Als na onderzoek is gebleken dat strafrechtelijke vervolging van algemeen belang is, staat de weg tot strafrechtelijke vervolging door het OM open. Ongeacht of er aangifte is gedaan door het slachtoffer of niet. Wel zal het OM moeten motiveren waarom het algemeen belang gediend is met de strafrechtelijke vervolging.

Heb je naar aanleiding van deze blog nog vragen of heb je een ander juridisch probleem? Schroom dan niet om contact met ons op te nemen. Ons advies is geheel vrijblijvend en gratis.

Dit artikel is geschreven door Melissa Notkamp en Sanne Roorda, medewerkers bij het Juridisch Steunpunt.

Publicatiedatum: 17-10-2016.

Het Juridisch Steunpunt is van ma. t/m do. geopend van 12:00 tot 17:00 uur en bestaat uit meerdere medewerkers. Het kan zijn dat je vraag niet van begin tot eind door dezelfde medewerker behandeld wordt, maar dat je soms van een andere medewerker antwoord zult krijgen. Wij zijn telefonisch te bereiken op 050 – 363 4675 of via de mail steunpunt@groningerstudentenbond.nl.


##DISCLAIMER##

Het Juridisch Steunpunt van de Groninger Studentenbond (GSb) is een onderdeel van de Studentenlijn (LSVb). Het Juridisch Steunpunt besteedt veel aandacht aan de juistheid en volledigheid van de verstrekte informatie. Het Juridisch Steunpunt Groningen is niet verantwoordelijk en aansprakelijk voor eventuele fouten en onvolkomenheden in de verstrekte informatie. Indien we opmerkzaam worden gemaakt van onjuistheden, zullen wij deze verbeteren. Tevens is het Juridisch Steunpunt Groningen niet aansprakelijk voor enige vorm van schade, materieel en immaterieel, veroorzaakt door het gebruik van de inhoud, goederen of diensten.

[1] Openbaar Ministerie Noord-Nederland op 4 oktober 2016.


  • 0

Je rechten als werknemer

arbeidVeel studenten hebben een bijbaan, maar de rechten die je als werknemer hebt zijn niet altijd even duidelijk. Hoe zit het met de nieuwe aanzegplicht en de transitievergoeding? Krijg je wel genoeg pauze? Werk je niet te lang aan een stuk door? Betaal je teveel belasting? Dit en meer lees je hieronder.

Aanzegplicht bij opzegging contract van bepaalde tijd

Sinds 2015 geldt er voor  tijdelijke contracten met een looptijd van zes maanden of langer een aanzegplicht. Dit staat opgenomen in artikel 7:668 van het Burgerlijk Wetboek. De werkgever dient uiterlijk een maand vóórdat het contract van bepaalde tijd eindigt, schriftelijk mede te delen of het contract wordt voortgezet. Zo ja, dan dient hij de voorwaarden waaronder hij het contract wilt voortzetten mede te delen. Hierop zijn twee uitzonderingen gemaakt. Ten eerste op contracten die zijn aangegaan voor een periode korter dan zes maanden. Ten tweede op contracten waarbij schriftelijk is overeengekomen dat deze eindigt op een tijdstip dat niet op een kalenderdatum is gesteld, bijvoorbeeld bij inval tijdens ziekte. Leeft de werkgever deze regel in zijn geheel niet na, dan is hij aan de werknemer een vergoeding verschuldigd gelijk aan het bedrag van het loon voor één maand. Is de werkgever de regel niet tijdig nagekomen, dan is hij aan de werknemer een vergoeding naar rato verschuldigd. Stel: de werkgever is twee dagen te laat, dan is een vergoeding van twee dagen loon redelijk.

Transitievergoeding

Sinds 1 januari 2015 bestaat er de transitievergoeding. Dit is een vergoeding die je ontvangt indien op initiatief van je werkgever de arbeidsovereenkomst beëindigd wordt en langer dan twee jaar in dienst bent geweest. Dit geldt voor zowel vaste contracten als voor contracten van bepaalde tijd. Uitzonderingen hierop zijn: indien je ontslagen bent door eigen schuld, indien je ontslagen bent omdat je de pensioengerechtigde leeftijd bereikt hebt of bij ontslag door faillissement. De hoogte van de transitievergoeding wordt bepaald door het aantal dienstjaren en je maandloon. Voor ieder dienstjaar, krijg je een derde maandloon. Stel: je bent twee jaar in dienst geweest en verdiende 300 euro per maand. Je transitievergoeding is dan 200 euro, namelijk twee keer een derde van 300 euro. Klik hier om je transitievergoeding te berekenen.

Belasting terugvragen

Soms wordt er teveel belasting ingehouden van het loon. Dit kun je tot vijf jaar na afloop van een belastingjaar terugvragen. Of en hoeveel belasting je terug kan vragen, kun je berekenen met de rekenhulp van de Belastingdienst. Je belasting terugvragen doe je met het Aangifteprogramma van de Belastingdienst. Hiervoor heb je je burgerservicenummer, je jaaropgave en je DigiD nodig. De belastingdienst verzoekt iedereen om aangifte te doen voor 1 mei. Indien je aangifte doet voor 15 april dan krijg je uiterlijk 1 juli bericht. Doe je dit tussen 15 april en 1 mei dan probeert de Belastingdienst nog bericht te geven op 1 juli. Doe je dit pas na 15 april dan streven ze ernaar om binnen drie maanden bericht te geven.

Minimumloon

Iedere werkgever is verplicht  om het minimumloon plus vakantiegeld of het minimum jeugdloon plus vakantiegeld te betalen. Doet hij dit niet, dan is hij strafbaar. Wat het minimumloon is hangt af van je leeftijd en het aantal uur dat je werkt. Je kunt je  minimumloon hier vinden. Het vakantiegeld is acht procent over je loon en wordt meestal in een keer in de maand mei of juni uitbetaald. Er wordt echter steeds vaker het All- in loon gehanteerd. Bij het All-in loon worden het salaris, de vakantiedagen en de vakantietoeslag maandelijks uitbetaald.

Werktijden

Te lang aaneengesloten werken is niet toegestaan. Per dagdienst mag je maximaal twaalf uur werken  en tien uur per nachtdienst. Per week staat het maximum op zestig uur.  Over een periode van zestienweken mag je gemiddeld maximaal achtenveertig uur per week werken. Na een werkdag moet je minimaal elf uur rusttijd nemen en na een werkweek geldt dit voor de duur van 36 uur.

Pauze

Indien er in je CAO niets geregeld is dan bepaalt de wet je pauzes. In artikel 5:4 van de Arbeidstijdenwet staat dat wanneer je langer werkt dan vijfeneenhalf uur verplicht een pauze moet nemen van een halfuur. Dit mag opgesplitst worden in twee keer een kwartier. Indien je langer werkt dan tien uur, is een pauze van driekwartier verplicht. Ook deze pauze mag je opsplitsen maar er geldt een minimum van een kwartier per pauze.

 

Twijfel je of jouw werkgever zich aan zijn plichten houdt? Of heb je een andere juridische vraag? Schroom dan niet om contact met ons op te nemen. Ons advies is geheel vrijblijvend en gratis.

 

Dit artikel is geschreven door Laura Andriol, medewerker bij het Juridisch Steunpunt.

Publicatiedatum: 12-09-2016.

Het Juridisch Steunpunt is van ma. t/m do. geopend van 12:00 tot 17:00 uur en bestaat uit meerdere medewerkers. Het kan zijn dat je vraag niet van begin tot eind door dezelfde medewerker behandeld wordt, maar dat je soms van een andere medewerker antwoord zult krijgen. Wij zijn telefonisch te bereiken op 050 – 363 4675 of via de mail steunpunt@groningerstudentenbond.nl.


##DISCLAIMER##

Het Juridisch Steunpunt van de Groninger Studentenbond (GSb) is een onderdeel van de Studentenlijn (LSVb). Het Juridisch Steunpunt besteedt veel aandacht aan de juistheid en volledigheid van de verstrekte informatie. Het Juridisch Steunpunt Groningen is niet verantwoordelijk en aansprakelijk voor eventuele fouten en onvolkomenheden in de verstrekte informatie. Indien we opmerkzaam worden gemaakt van onjuistheden, zullen wij deze verbeteren. Tevens is het Juridisch Steunpunt Groningen niet aansprakelijk voor enige vorm van schade, materieel en immaterieel, veroorzaakt door het gebruik van de inhoud, goederen of diensten.


Latest Tweets

Voor slechts €10 per jaar ben je al lid en zorg je er voor dat wij voor studenten in Groningen kunnen opkomen!