Rechtsingangen binnen het hoger onderwijs

Als student ben je vaak enkele jaren met je studie bezig. In die jaren is het niet ondenkbaar dat je een keer ergens tegen aanloopt of het niet eens bent met een beslissing die verdere gevolgen voor het verloop van je studie heeft. In zo’n geval is het goed om te weten tot welke instantie je je kunt wenden met jouw probleem. In de Wet op het Hoger onderwijs en Wetenschappelijk onderzoek (WHW) staat aangegeven wat studenten in een dergelijke situatie kunnen ondernemen. Je vindt er de rechten en plichten terug die je als wo- of hbo-student toekomen. Deze wet is dus niet van toepassing op mbo-studenten. Daarnaast vind je er regelgeving terug omtrent procedures die je kunt doorlopen als je het ergens niet mee eens bent.

Hoger onderwijsinstellingen dienen de regels van de WHW toe te passen en voor studenten kenbaar te maken in het Onderwijs- en Examenreglement (OER). Het OER kan tezamen met de WHW als leidraad dienen en geeft aan wanneer je bezwaar of beroep kunt aantekenen tegen een bepaald besluit en bij welk orgaan je dan aan het juiste adres bent. Daarnaast geeft het OER aan hoe je een klacht kunt indienen over een gedraging van een medewerker of een orgaan van de onderwijsinstelling. Is het je niet helemaal duidelijk welke gegevens een klacht, bezwaar-, verzoek- of beroepschrift dient te bevatten? Ook dat vind je in het OER terug.

Aangezien de WHW en het OER voor de onervaren lezer soms een doolhof kunnen zijn, hopen we in dit blog aan de hand van voorbeeldsituaties te verhelderen bij welke instanties je met welk probleem terecht kan.

De Examencommissie
In de WHW wordt de examencommissie omschreven als het orgaan dat op objectieve en deskundige wijze vaststelt of een student voldoet aan de voorwaarden die de OER telt ten aanzien van kennis, inzicht en vaardigheden die nodig zijn voor het verkrijgen van een diploma van de opleiding in kwestie.

Kortom: de examencommissie is verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de opleiding en de af te nemen examens. Als student ben je dan ook bij de examencommissie aan het juiste adres als je een klacht hebt over een examinator of een lid van de examencommissie zelf. Tevens is de examencommissie bevoegd om te oordelen over verzoeken van studenten die zien op het verloop van de studie.

Je kunt daarbij denken aan een verzoek tot vrijstelling voor een bepaald vak, een verlenging van de geldigheidsduur van behaalde studieresultaten of het verzoek tot een extra tentamenkans. In bepaalde situaties is het van belang dat je bijzondere of persoonlijke omstandigheden kunt aantonen, wil je verzoek gehonoreerd worden.

Het College van Beroep voor de Examens

Indien je het niet eens bent met een beslissing van een orgaan dan kan je in de meeste gevallen administratief beroep instellen bij het College van Beroep voor de Examens (CBE). Je kunt daarbij denken aan een beslissing van een examinator of de examencommissie, zoals het weigeren van een vrijstelling of de afkeuring van een vakkenpakket. Tevens is het CBE bevoegd ten aanzien van een beslissing omtrent de toelating tot een masteropleiding of een besluit waarin een negatief bindend studieadvies is afgegeven. Het is van belang dat je vanaf het moment dat het besluit is genomen, binnen zes weken je beroepschrift indient bij het CBE.

In de administratief beroepsprocedure zal het CBE nagaan of het besluit conform de formele vereisten is genomen en tevens toetsen of het orgaan in redelijkheid tot de genomen beslissing had kunnen komen. Het is daarbij belangrijk om te weten dat het CBE niet toetst of een opdracht of tentamen inhoudelijk gezien correct is beoordeeld, daar het CBE niet over de benodigde vakkennis beschikt.

Alvorens het CBE het beroep gegrond of ongegrond acht, nodigt het CBE je uit om met het orgaan waartegen het beroep is gericht, om tafel te gaan. De intentie hierachter is om te kijken of beide partijen bereid zijn om tot een schikking te komen. Lukt dit niet, dan verklaart het CBE het beroep geheel of gedeeltelijk gegrond óf geheel of gedeeltelijk ongegrond.

Indien het beroep (gedeeltelijk) gegrond is verklaard, dan zal het orgaan waartegen het beroep was gericht een nieuwe beslissing moeten nemen. Is het beroep daarentegen (gedeeltelijk) ongegrond verklaard en wil je het er niet bij laten zitten? In dat geval kan je besluiten om de beslissing van het CBE voor te leggen aan een rechterlijke instantie, waarvan het College van beroep voor het Hoger Onderwijs (CHBO) de meest voor de hand liggende optie is. Houd er rekening mee dat je vanaf het moment dat het CBE een beslissing genomen heeft, zes weken de tijd hebt om een beroepschrift in te dienen.

Het instellingsbestuur
Voor sommige beslissingen staat de administratief beroepsprocedure bij het CBE niet open. Tegen dergelijke besluiten kan je bezwaar maken bij het instellingsbestuur. Het is verstandig om via het OER na te gaan wanneer je bij het instellingsbestuur aan het juiste adres bent. Daar is in ieder geval sprake van als je bezwaar wilt maken tegen een weigering tot in- of uitschrijving.

Voordat het instellingsbestuur een beslissing op bezwaar neemt, wordt de geschillenadviescommissie ingeschakeld om een advies uit te brengen en/of te kijken of er een schikking mogelijk is. Tevens word je als student in de gelegenheid gesteld om te worden gehoord, voordat er een beslissing wordt genomen. Het instellingsbestuur heeft vanaf het verlopen van de bezwaartermijn tien weken de tijd om te beslissen op je bezwaar. Ook voor beslissingen van het instellingsbestuur geldt dat je vanaf het moment dat de beslissing op bezwaar genomen is, je binnen zes weken een beroepschrift kunt indienen bij het CHBO.

De klachtprocedure
Ben je het niet eens met een beslissing van een orgaan en ben je niet in de gelegenheid om een bezwaar-, beroep- of verzoekschrift in te dienen? In dat geval heb je nog de mogelijkheid om een klacht in te dienen bij de onderwijsinstelling. Aangezien de WHW geen regels geeft omtrent de inrichting van de klachtprocedure, is het aan te raden om in het OER na te gaan hoe deze procedure voor jouw opleiding is ingericht.

Heb je vragen of hulp nodig?
We hopen door middel van dit blog iets meer duidelijkheid te scheppen over de (soms) ingewikkelde procedures die binnen een onderwijsinstelling te doorlopen zijn. Mocht je desondanks met vragen zitten of kan je wel wat hulp gebruiken met het opstellen van een klacht, bewaar-, beroep- of verzoekschrift? Het Juridisch Steunpunt zit op maandag t/m donderdag van 12:00 – 17:00 voor je klaar om je gratis en geheel vrijblijvend verder te helpen. Je kunt het Juridisch Steunpunt bereiken via steunpunt@groningerstudentenbond.nl of door te bellen naar 050 – 363 4675. Ook kun je altijd het kantoor van de Groninger Studentenbond even binnen lopen.

Dit artikel is geschreven door Inge Hoiting, medewerker bij het Juridisch Steunpunt.

Publicatiedatum: 09-01-2017.

Het Juridisch Steunpunt is van ma. t/m do. geopend van 12:00 tot 17:00 uur en bestaat uit meerdere medewerkers. Het kan zijn dat je vraag niet van begin tot eind door dezelfde medewerker behandeld wordt, maar dat je soms van een andere medewerker antwoord zult krijgen. Wij zijn telefonisch te bereiken op 050 – 363 4675 of via de mail steunpunt@groningerstudentenbond.nl.

##DISCLAIMER##

Het Juridisch Steunpunt van de Groninger Studentenbond (GSb) is een onderdeel van de Studentenlijn (LSVb). Het Juridisch Steunpunt besteedt veel aandacht aan de juistheid en volledigheid van de verstrekte informatie. Het Juridisch Steunpunt Groningen is niet verantwoordelijk en aansprakelijk voor eventuele fouten en onvolkomenheden in de verstrekte informatie. Indien we opmerkzaam worden gemaakt van onjuistheden, zullen wij deze verbeteren. Tevens is het Juridisch Steunpunt Groningen niet aansprakelijk voor enige vorm van schade, materieel en immaterieel, veroorzaakt door het gebruik van de inhoud, goederen of diensten.