Speech Christiaan Brinkhuis op lustrumreünie

  • 1

Speech Christiaan Brinkhuis op lustrumreünie

Op zaterdag 26 november 2016 vond in het kader van het 45-jarig bestaan de reünie met oud-leden van de GSb plaats. Voorzitter Christiaan Brinkhuis en oud-voorzitter Paul Ulenbelt, inmiddels Tweede Kamerlid namens de SP, gaven een toespraak aan de aanwezigen. Hieronder de toespraak van Brinkhuis. De strijd voor een betere positie van de student is niets anders dan dat het 45 jaar geleden was.

Beste aanwezigen, bondgenoten, vrienden,

Een half jaar geleden was voor mij het moment aangebroken dat ik, als derdejaars student Geschiedenis, de scriptie moest gaan schrijven. Waar zou ik het eens over gaan hebben? In de jaren daarvóór had ik genoeg essays geschreven over interessante onderwerpen. Maar ik wist dat de scriptie iets moest worden dat het sluitstuk zou moeten zijn van de eerste fase die ik aan de universiteit doorbracht. Ik besloot heel dicht bij huis te gaan kijken. Ik had inmiddels al bijna een vol jaar het penningmeesterschap van het bestuur van de Groninger Studentenbond erop zitten. In die tijd was ik erachter gekomen wat een rijke geschiedenis deze organisatie heeft. Een geschiedenis die al 45 jaar teruggaat.

Om die 45 jaar te vieren zijn wij hier allen vanavond bijeengekomen. Velen van jullie zien elkaar na vele jaren pas weer. Voor anderen is het de afsluiting van een week lang deelnemen aan activiteiten. In de afgelopen dagen heeft de Lustrumcommissie een openingsreceptie, een lezing, een avondje ‘Wie is de Mol?’ en een groots diner georganiseerd. De lustrumweek eindigt vanavond met deze reünie, in de Glazen Zaal van het Van Swinderenhuys. In de wandelgangen werd de bijeenkomst ook wel ‘Ouwelullenavond’ genoemd. ‘Oud’ kunnen we de GSb in ieder geval noemen. Van de 5 belangenbehartigingsorganisaties voor studenten in Groningen is de GSb ouder dan de 4 andere bij elkaar. Althans, als we de partijen in de medezeggenschapsraden in ogenschouw nemen. Sinds 2000 bestaat de SOG, sinds 2004 de HSV, sinds 2005 Lijst Calimero en de jongste spruit is Lijst Sterk, sinds 2014.

Wat maakt ons zo uniek? Wat is de rode draad door die bijna halve eeuw van ons bestaan? De Groninger Studentenbond heeft als missie om de belangen van studenten in Groningen zo goed mogelijk te behartigen en de positie van studenten te verbeteren. Deze missie vloeit voort uit onze visie. Onze visie is dat studenten zo min mogelijk belemmeringen op het gebied van financiën en mobiliteit mogen ervaren, een zo hoog mogelijke onderwijskwaliteit moeten genieten en dat studenten geen belemmeringen mogen ondervinden bij het zoeken en aannemen van een woonruimte. Wij zijn de enige organisatie in heel Groningen die op alle terreinen voor de belangen van de studenten opkomt. Op alle fronten waar de student in de hoedanigheid van het student-zijn wordt bedreigd, daar waar zijn maatschappelijke positie in gevaar wordt gebracht, staat de GSb voor je klaar. Of dat nou thuis is, in college of op de weg daarnaartoe, wij waken ervoor dat onze medestudenten een goede studententijd in Groningen hebben.

Het onderzoek voor mijn scriptie heeft me geleerd dat de acties van de GSb kort na de oprichting vooral gericht waren op het tegenhouden van de verhoging van de collegegelden. Dit collegejaar mogen studenten 1.984 euro ophoesten. Wat een enorm verschil met wat ik tijdens mijn onderzoek ben tegengekomen. In 1971, toen de GSb werd opgericht, bedroeg het collegegeld nog 200 gulden! De toenmalige minister, jonkheer Mauk de Brauw, wilde koste wat kost in één klap het tarief omhooggooien naar 1000 gulden. Als we even gaan omrekenen zouden we 45 jaar geleden maar 90 euro hoeven te betalen aan de universiteit! En andersom betalen we nu een astronomisch hoog bedrag: 4.372 gulden! De jonkheer zou in zijn nopjes zijn met deze doorgeslagen uitvoering van het profijtbeginsel waar de GSb zich vanaf het begin keihard tegen heeft verzet.

Het profijtbeginsel houdt in dat iedereen die gebruik maakt van een overheidsdienst daarvoor moet betalen. Onderwijs waar geen ‘vraag’ naar is dient de burger maar zelf voor op te draaien. De ‘vraag’ wordt bepaald door wat de bedrijven nodig hebben. Ga dus maar vooral iets studeren waar Shell, of AkzoNobel, of andere multinationals aan de Amsterdamse Zuidas behoefte aan hebben. Het is nog net geen officieel regeringsbeleid. Tegenwoordig heeft het profijtbeginsel zich ontwikkeld tot ‘macrodoelmatigheid’: je studeert niet om het beste uit jezelf te halen, maar om jezelf een plaats op de arbeidsmarkt te verzekeren. “Studeer je geschiedenis? Jammer joh! Een cursus ‘uitkering aanvragen’ is niet zo heel moeilijk hoor!” Ik heb het meer dan eens moeten aanhoren.

De GSb ziet het hoger onderwijs als een middel tot emancipatie. Wij willen dat je je tijdens je studietijd kunt ontplooien zoals je dat zelf graag wilt. Den Haag daarentegen ziet het hoger onderwijs als kostenpost. “Investeren in jezelf,” noemt minister Bussemaker het zelf. Onder dit voorwendsel is 2 jaar geleden het ‘sociaal’ leenstelsel ingevoerd. Het kabinet moet zich de ogen uit de kop schamen dat ze dit ‘sociaal’ durven te noemen! De basisbeurs is de nieuwste lichting studenten afgepakt en ze moeten ook nog fors meer gaan lenen. “Investeren in jezelf?” “Alleen studeren als je het geld ervoor hebt,” past hier beter.

Nominaal is de norm. Studenten moet je zo snel mogelijk door de bachelor en de master heen jassen: 3 jaar in de bachelor, 1, 2, misschien 3 jaar in de master. We worden meer en meer gedwongen om al meteen de juiste keuze te maken, terwijl zoveel 17- en 18-jarigen nog geen flauw benul hebben wat ze later willen worden. Het ministerie van Onderwijs is net één grote show van Theo Maassen, als die spreekt over wat voor soort mensen eigenlijk wel weg kunnen in de wereld. Aan het einde van je eerste jaar krijg je een bindend studieadvies, waarbij je een minimumaantal punten van de propedeuse moet hebben gehaald. Te weinig? Weg. Binnen twee jaar moet je je propedeuse gehaald hebben. Niet gehaald? Weg. Bussemaker cum suis hebben een nieuw systeem van studiefinanciering ingevoerd. Wat is er van de basisbeurs terecht gekomen? Weg. Het zijn allemaal maatregelen om te selecteren wie wel en wie niet geschikt is om zich verder te mogen ontwikkelen. Het is een schande en de GSb heeft zich er dan ook altijd tegen uitgesproken.

De druk om te presteren is gigantisch. In 2011 had toenmalig staatssecretaris Halbe Zijlstra het voor elkaar gekregen dat overheid en onderwijsinstellingen heuse prestatieafspraken met elkaar gingen. Wat was het gevolg? Universiteiten en hogescholen moesten doelen behalen onder het dreigement dat ze anders minder geld van Den Haag zouden krijgen. De werkdruk voor studenten én docenten is fors toegenomen. De lezing afgelopen dinsdag, die het thema stress en burn-outs had, besteedde hier uitgebreid aandacht aan. De geestelijke gesteldheid van menig student loopt rake klappen op. Tijd voor iets erbij naast, zoals een commissie, een jaar bestuur of een bijbaantje, is steeds schaarser geworden. Daarnaast hebben bijvoorbeeld studies die niet ‘renderend’ genoeg zijn, dus die minder opleveren dan ze kosten, het veld moeten ruimen of tot nóg grotere studies moeten fuseren. Groot, groter, grootst is het credo van deze tijd.

Megalomanie is helemaal niet iets waar de student op zit te wachten. Het individu verdwijnt dan in de massa. De student wordt een nummer in plaats van een drager van de toekomst. De GSb ijvert voor kleinschaligheid. In een kleinschalige omgeving komt de relatie tussen de student en de docent het beste tot zijn recht. Op die manier krijgt de student de aandacht die hij of zij nodig heeft en kan die het beste studeren. De studentenpartijen in de medezeggenschapsraden van zowel de universiteit als de hogeschool houden er dezelfde standpunten op na. Maar zoals de naam al aangeeft, ze hebben alleen maar medezeggenschap. Tot 1997 hadden studenten zeggenschap in het besturen van de universiteit. De academische gemeenschap bestuurde zichzelf. Sindsdien zijn studenten teruggedrongen tot raadswerk. Ze hebben veel te zeggen, maar uiteindelijk is het College van Bestuur het orgaan dat het daadwerkelijke besturen uitvoert. Nou ja, we hebben op centraal niveau en op facultair niveau een studentassessor in het bestuur. Diegene vertegenwoordigt slechts de stem van de studenten in het bestuur. Hij is daarmee niets meer dan een façade om te verhullen hoe de vork écht in de steel zit. Wij willen dat de studenten weer gewoon deelnemen aan het bestuur van hún universiteit en hún hogeschool!

Mensen over de hele wereld staan steeds meer in contact met elkaar. Het modewoord daarvoor is ‘globalisering’. In Groningen is de globalisering ook goed te merken. Een dogma van ‘internationalisering’ heeft zich genesteld in de hoofden van de beleidsmakers. Hele studies worden alleen nog maar in het Engels aangeboden. Het Engels van docenten daarentegen is meer dan eens belabberd tot ronduit slecht. Grote aantallen buitenlandse studenten volgen hun studie in Groningen. Volgens de laatste metingen is bijna eenvijfde van het totaal aantal ingeschreven studenten afkomstig uit het buitenland. Maar wat doen de RUG en de Hanze om al die internationals op te vangen in hun nieuwe omgeving? Niets. Ze bedrijven koehandel met woningcorporaties over de ruggen van de internationals. En de kansen voor internationals om een woonruimte te krijgen zijn sowieso al stukken lager dan voor Nederlandse studenten. Bovendien betalen ze gemiddeld 75 procent meer huur.

Ons Huurteam bezoekt studentenhuizen waarvoor een maandelijkse huur van soms wel 100 euro teveel wordt gevraagd door de huisbaas. Degene die dan een eerlijke, rechtvaardige huur wil afdwingen wordt slachtoffer van het schrikbewind van de huisjesmelker. Verhuurders in deze stad houden er praktijken op na die de Siciliaanse maffia in de schaduw stellen. Hun repertoire bestaat uit huisvredebreuk, intimidatie, diefstal, vernieling en zelfs aanranding. En de politie? Het blijft meestal bij aangifte en daarna over tot de orde van de dag. Verhuurders kunnen in deze stad dus Monopoly spelen zonder de kaart ‘Ga naar de gevangenis’. Sinds juli van dit jaar kan elk slachtoffer zijn of haar verhaal doen bij ons Meldpunt Ongewenst Verhuurdersgedrag. Alle horrorverhalen worden vastgelegd en doorgestuurd naar de ambtenaren van de gemeente. Daar, in het Stadhuis aan de Grote Markt, mogen ze gerust weten in wat voor permanente staat van onderdrukking de studentenhuisvesting verkeert.

De student van dienst zijn is de centrale doelstelling van ons bestaan vandaag de dag. Ik noemde net het Huurteam al, waarvan de medewerkers de juiste huur voor een studentenkamer berekenen en de student helpen om de huur omlaag te krijgen. We hebben het Juridisch Steunpunt, waar juridisch geschoolde studenten hun medestudenten helpen om de juridische problemen die zij hebben op te lossen. Daarnaast is er het Onderzoeksbureau, dat problemen van studenten onderzoekt en in kaart brengt. De resultaten van die onderzoeken zijn een welkome bron van informatie voor beleidsmakers bij zowel de gemeente als de onderwijsinstellingen. Bovendien organiseert de Activiteitencommissie informatiebijeenkomsten met voor studenten relevante inhoud. Vorige week nog gaven 2 psychologen tekst en uitleg over uitstelgedrag en time-management. En tenslotte, last but not least, is de Nait Soez’n al sinds 1972 ons blad dat duiding geeft aan de nieuwsstromen die ons dag in, dag uit, tegemoet komen.

Afgaande op de nieuwsstromen krijgen we het beeld voorgeschoteld dat we in turbulente tijden leven. Overal in de wereld worden traditionele machtsverhoudingen op z’n kop gezet. De verkiezing van een complete buitenstaander tot president van het machtigste land op aarde is de laatste ontwikkeling in deze trend. Angst en onzekerheid zijn steeds meer waarneembaar in het maatschappelijke klimaat, ook in de studentenwereld. Wat als ik na mijn studie geen baan op niveau kan krijgen? Wat als mijn schulden zó hoog worden dat ik ze niet kan afbetalen? Wat als mijn zusjes, die over een half jaar hun eindexamens maken, überhaupt niet eens kunnen studeren? Ik ben de eerste van mijn familie die naar de universiteit gaat. Ik kon van huis uit niets mee krijgen. Het is zeker geen vanzelfsprekendheid dat ik hier nu voor jullie sta, als voorzitter van een organisatie die met zoveel trots kan terugkijken op een bewogen geschiedenis van 45 jaar.

Elke student die ons steunt om een rechtvaardiger samenleving na te streven kan lid worden van de Groninger Studentenbond. Ook voor iedereen die geen student is maar onze strijd wel wil steunen is er de mogelijkheid om donateur te worden van de Stichting Vrienden van de GSb. Want lid zijn van de Groninger Studentenbond is je uitspreken vóór de vrijheid om je eigen keuzes binnen het onderwijs te maken. Vóór onderwijs waarin niet nominaal afstuderen maar zelfontplooiing de norm is. Vóór gelijke kansen voor iedereen om goed onderwijs te volgen. Voor die idealen vechten wij al 45 jaar en dat zullen we blijven doen!

Dank jullie wel!


1 Comment

Sandra Schadenberg

november 29, 2016at 5:14 pm

Top gedaan Christiaan..mijn complimenten.

Leave a Reply

Latest Tweets

Voor slechts €10 per jaar ben je al lid en zorg je er voor dat wij voor studenten in Groningen kunnen opkomen!