Groningen, 21 januari – De Groninger Studentenbond (GSb) is zeer teleurgesteld dat de Eerste Kamer heeft ingestemd met de invoering van het leenstelsel. Een meerderheid heeft gisteren, 20 januari, voor het wetsvoorstel van minister Jet Bussemaker gestemd. Studenten krijgen vanaf volgend studiejaar geen basisbeurs meer en zullen gemiddeld €25.000 euro schuld gaan opbouwen en moeten dus een leven lang aflossen. Voor de beloofde investeringen in het onderwijs, die vrijkomen door deze radicale bezuiniging, zijn nog geen plannen gemaakt.

GSb-woordvoerder Ewoud Vuuregge spreekt van een harde klap: “De afgelopen maanden hebben we veel acties gevoerd en is gebleken dat er geen draagvlak is onder studenten. Niet alleen studenten worden hard geraakt, maar de gehele kenniseconomie zal hier onder lijden.” De belangrijkste gevolgen van het leenstelsel  zijn dat studenten vanaf studiejaar 2015-2016 alles moeten lenen en de aflossingstermijn voor de lening, waar de gehele tijd rente over loopt,  wordt verruimd tot 35 jaar. Vuuregge: “De verruiming van de aflossingstermijn lijkt mooi, maar het komt neer op een leven lang schuld aflossen.”

Met  de invoering van het leenstelsel komt de toegankelijkheid van het hoger onderwijs flink onder druk te staan. Vuuregge: “Aankomende studenten zullen een studie kiezen op basis van financiële mogelijkheden in plaats van op basis van talent en motivatie.” Ook studentenverenigingen zullen te maken krijgen met de gevolgen, gezien studenten geen tijd meer zullen hebben voor ontplooiing en verbreding naast de studie.

In de afgelopen maanden zijn er veel acties geweest om Den Haag duidelijk te maken dat het leenstelsel niet moet worden ingevoerd. Zo zijn er in heel het land levensgrote spandoeken opgehangen, zijn er lokale demonstraties georganiseerd en is er in november een grote manifestatie op het Malieveld gehouden waar duizenden scholieren en studenten op af zijn gekomen. De GSb zal in samenwerking met de Landelijke Studentenvakbond (LSVb) er op toezien dat de beloofde investeringen in het onderwijs op de goede plek terecht komen, zodat studenten daadwerkelijk wat van merken van de hervormingen.