Vastgeketend aan je huurovereenkomst in crisistijd

Het mag duidelijk zijn dat 2020 tot zover niet het meest gelukzalige jaar voor de
wereld is geweest. Covid-19 heeft, sinds medio maart, ook Nederland in zijn greep.
Dit is op zichzelf al een crisis, maar de daaropvolgende ‘1,5 meter-samenleving’ en
de onvermijdelijke financiële crisis zullen ook voor velen grote gevolgen hebben.
Deze gevolgen zijn ook merkbaar in het huurrecht. Door de maatregelen van de
overheid (zoveel mogelijk thuisblijven en algehele sluiting van de horeca) hebben
veel huurders tijdelijk geen inkomen en kunnen zij als gevolg daarvan de huur niet
meer betalen. Dit was voor de overheid reden genoeg om in te grijpen.
Allereerst is er met verhuurders afgesproken dat er tijdens de crisis geen
huisuitzettingen worden gedaan, tenzij er sprake is van criminele activiteiten of
ernstige overlast. Daarnaast is op 6 april jl. een spoedwetsvoorstel ingediend bij de
Tweede Kamer die de ‘Tijdelijke wet verlenging tijdelijke huurovereenkomsten’
mogelijk moet maken. Deze spoedwet moet ervoor zorgen dat het mogelijk is om een
tijdelijke huurovereenkomst eenmalig te verlengen tot uiterlijk 1 september 2020,
zonder daaraan het gevolg te verbinden dat daar een huurovereenkomst voor
onbepaalde tijd uit kan ontstaan. In een normale situatie is het namelijk zo dat een
tijdelijk huurcontract voor een maximumperiode kan worden aangegaan
(respectievelijk twee en vijf jaren voor zelfstandige woonruimten en onzelfstandige
woonruimten).

De afspraken met de verhuurders en het spoedwetsvoorstel bieden vanzelfsprekend
uitstel van executie voor huurders die door de crisis op straat dreigen te komen
staan. Maar wat moet je nu als je door de crisis juist van je tijdelijke huurcontract af
wil? Deze vraag werd de afgelopen weken heel vaak gesteld bij het Huurteam. Er zijn
twee belangrijke redenen aan te geven waarom studenten van hun huurcontract af
willen. De eerste reden is dat veel studenten momenteel werkloos zijn, omdat zij
bijvoorbeeld een bijbaan in de horeca hadden. In veel gevallen wordt niet voldaan
aan de 26-wekeneis en bestaat er dus geen recht op een WW-uitkering. De
huurkosten moeten met andere woorden uit eigen zak of uit een studielening worden
betaald. Deze studenten zien dit uiteraard niet zitten en willen zo snel mogelijk af van
die kosten. De tweede reden is het feit dat veel studenten tijdens de crisis helemaal
geen behoefte meer hebben aan een kamer. Colleges en tentamens vinden immers
online plaats en kunnen dus ook vanuit het thuisfront worden gemaakt. Veel
studenten overwegen zelfs om tijdelijk of helemaal te stoppen met hun studie. Vooral
bij internationale studenten is dit laatste het geval.

Daar waar een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd, afgezien van de
opzegtermijn, gemakkelijk en snel kan worden opgezegd, geldt dit voor een tijdelijke
huurovereenkomst helaas niet. Hier kun je zelfs nog jaren aan vastzitten. Hoe erg de
crisis ook is, het verandert niets aan de verplichtingen over en weer tussen de
huurder en verhuurder. Het is maar de vraag of de overheid en verhuurders deze
kant van de medaille ook zien. Een blijk van goede wil zagen we onlangs van SSH
en Rizoem, waar internationale studenten vanwege de crisis hun huurovereenkomst
konden laten ontbinden. Hopelijk geven zij het goede voorbeeld voor de rest!

Carlo Baalhuis

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.